Glasvezel: appels, peren en ander fruit

door | jul 31, 2017 | Artikel | 2 reacties

Waarom FttH geen FttO is, en de ene glasvezel de andere niet is

Regelmatig krijg ik de vraag waarom een zakelijke glasvezelaansluiting veel duurder is dan een aansluiting thuis? Het is toch allebei glasvezel? Mijn korte antwoord luidt dan: “Ja, het is allebei glasvezel, maar niet hetzelfde”. Omdat de zaak daarmee natuurlijk niet afgedaan is, heb ik besloten in deze blog de verschillen uit de doeken te doen.

De zoektocht naar glasvezel

In het afgelopen decennium zijn er in Nederland vele glasvezelinitiatieven van start gegaan. In de grotere steden zijn meestal meerdere infrastructuren beschikbaar die consumenten en bedrijven in voldoende mate kunnen voorzien in hun bandbreedtebehoefte. In de dorpen en buitengebieden is dit brede aanbod niet voorhanden en is er sprake van een toenemende digitale achterstand. Men beseft dat toegang tot supersnel internet (zeg gegarandeerd 100 Mbps up en down) de toekomst heeft, zowel in de woonkamer als op de camping, de boerderij of op kantoor. Commerciële partijen zoals CIF (Communication Infrastructure Fund) zijn sinds enkele jaren met wisselend succes in deze buitengebieden actief. Ondanks dat men met geduldige financiers werkt, heeft CIF begin 2017 de vastrechtvergoeding moeten ophogen met tientallen procenten (zie Financieel Dagblad). Gebleken is dat de vereiste deelname van 50% a 60%, veroorzaakt door de zeer hoge aanloopinvesteringen in de business case voor glasvezel in het buitengebied, lang niet altijd gehaald wordt.

Wat doen Ziggo en KPN?

Waarom investeren de twee grootste netwerkeigenaren niet (verder) in glasvezel en dan met name in het buitengebied? KPN/Reggefiber heeft haar uitrol voor glasvezel het afgelopen jaar in de ijskast gezet en is juist weer gaan investeren in het ophogen van de bandbreedte van het (zeer) oude telefonie netwerk (o.b.v. VDSL). Dit naar aanleiding van het feit dat de investeringen voor de glasvezel in de woonkamer niet snel genoeg rendeerden. Ziggo investeert ook niet of nauwelijks in last-mile glasvezel en probeert zijn eigen gesloten kabelnetwerk (coax) met behulp van nieuwe technieken geschikter te maken voor hogere bandbreedtes (o.b.v. Docsis).

Nederland loopt achter

Terwijl Nederland 10 jaar geleden voorop liep in de adoptie van breedband blijkt uit een recente analyse van adviesbureau Stratix op verzoek van de NOS (zie Tweakers.net) dat Nederland qua introductie van glasvezel inmiddels ver achter loopt ten opzichte van vele andere landen. En dat ondanks het feit dat de aanleg van glasvezelnetwerken in onze rivierendelta relatief goedkoop is, en ondanks de ambitie vanuit Den Haag om ook in de digitale wereld een mainport functie in te nemen.

Dit is pas de start!

Deskundigen zijn het erover eens dat het gebruik en daarmee de afhankelijkheid van digitale informatie en/of diensten de komende decennia fors zal toenemen. Dit geldt zowel voor de werkomgeving (tele-conferencing, cloud computing, et cetera), de woonkamer c.q. recreatieruimte (Netflix/Videoland, internet toegang, sportTV) als ook de rest van het woonhuis (langer thuis wonen, zorg op afstand, domotica). Open toegang tot een groot aantal verschillende en concurrerende dienstenleveranciers (service providers) zal de norm worden.

Waar wringt de schoen?

De twee telecom grootmachten pakken de handschoen dus niet op en bevechten liever elkaars marktaandeel op hun huidige netwerken. Ondanks geduldige financiers en tariefsverhogingen blijken commerciële partijen veelal moeite te hebben om de business case voor bv. glasvezel in het buitengebied rond te krijgen. Uit frustratie en gebrek aan voortgang trekken burgers in de buitengebieden daarom soms zelf het initiatief naar zich toe. Hier zijn inmiddels al een paar bewonderenswaardige en moedige voorbeelden van. Deze vaak uit frustratie geboren ‘burgerlijke ongehoorzaamheid’ is gestoeld op lokale inzet, solidariteit en het werken zonder winstoogmerk waardoor vaak een iets minder hoog percentage deelnemers benodigd is. Maar zelfs dan blijkt het in de praktijk toch moeilijk om tot aanleg te komen. En waar dat uiteindelijk wel lukt, blijkt de praktijk soms tegen te vallen met alle gevolgen van dien, zoals blijkt uit het “schoolvoorbeeld” Heeze-Leende dat van een faillissement gered moest worden door commerciële partijen. Derhalve zoeken dit soort lokale initiatieven dan vaak maar weer naar aansluiting bij commerciële partners zoals CIF. Zo is de cirkel weer rond.

Appels en peren en ander fruit

“One size fits all” gaat helaas niet op in glasvezelland. Buiten kijf staat dat alle gebruikers in de toekomst steeds hogere eisen gaan stellen aan hun verbinding. Glasvezel heeft een zeer lange technische levensduur van minimaal 25 jaar, en dus moet men proberen (nu al) met deze zwaardere toekomstige toepassingen en eisen rekening te houden. Later opnieuw gaan graven is meestal geen serieuze optie. Dus waar zitten dan de verschillen in?

1) Open? – keuzevrijheid versus koppelverkoop

Het aanbod van telecomcarriers zoals KPN en Ziggo noemt men gesloten”: bovenop de fysieke toegang tot het netwerk leveren zij het liefst hun eigen diensten, zoals telefonie, TV en internet access. Men wil zoveel mogelijk omzet en winst realiseren door levering van dit soort diensten en content. Deze koppelverkoop beperkt helaas de keuzevrijheid van de klant. De hamvraag is “wie is de baas in de (glasvezel)buis?”. Krijgt men echte keuzevrijheid of is er een schijnvrijheid van enkele merken die (toevallig) allemaal toebehoren aan dezelfde netwerkeigenaar? (Opm: weliswaar beschermen overheden de consument enigszins met netneutraliteit, maar over het hoe en de mate waarin bestaat nog veel verdeeldheid in de (inter)nationale politiek.)

Ondernemers en instellingen eisen nu al vrij verkeer van data en diensten, een volkomen vrije keuze dus ten aanzien van diensten en dienstverleners. Gedwongen winkelnering wordt niet gewaardeerd c.q. geaccepteerd. Particulieren accepteren de (ouderwetse) beperkte keuzevrijheid, veelal noodgedwongen, nog wel. Men neemt een TriplePlay pakket af van één aanbieder. Maar met de komst van nieuwe recreatieve toepassingen alsook toepassingen die belangrijk zijn voor de leefbaarheid wil men deze diensten af kunnen nemen bij welke leverancier dan ook. Dan is een vrije brede keuze plots wel belangrijk. Indien men dan vastzit aan een gesloten netwerk moet men maar hopen dat de wetgever helpt met regulering.

2) Uptime

Bedrijven of instellingen worden steeds afhankelijker van hun digitale bereikbaarheid. Zij eisen nu vaak al een minimale uptime van 99,9% of meer. Hiermee krijgen ze de garantie dat de verbinding slechts zelden uitvalt en bij uitval snel weer up-and-running is. Voor consumenten is het nu vanwege het beperkte en veelal recreatieve verkeer niet nodig om een (zeer) hoge uptime te hebben. Men is dus niet bereid om hier extra voor te betalen. Als men de beschikking heeft over TV, internet en telefonie is men tevreden. Dit gaat in de toekomst veranderen want door sensoring, zorg op afstand, camera’s, domotica, etc. zal ook in de woning een hoge uptime steeds belangrijker worden.

3) Snelheid

Een bedrijfsmatige glasvezelaansluiting wil dag en nacht kunnen beschikken over zijn eigen bandbreedte en nooit meer vertragingen ondervinden als gevolg van up- of downloaden van anderen. De verwachting is dat organisaties niet alleen veel meer bandbreedte gaan gebruiken (1 Gbps of meer), maar ook steeds minder (minder dan 10-15 ms) vertraging, latency genoemd, gaan accepteren. Dit zal hogere eisen stellen aan het netwerk en het beheer ervan.

Voor consumenten is snelheid nu nog niet zo van belang, maar in de toekomst wel. Een met andere gebruikers gedeelde glasvezelverbinding volstaat nu, maar met de komst van eerder genoemde toepassingen zoals sensoring is de gedeelde goedkope aansluiting vaak niet meer afdoende. De buurjongen die een avond lang intensief films download, zorgt dan voor veel irritatie,of zelfs “gevaarlijke“ situaties.

4) Prijs

Op basis van het bovenstaande is duidelijk dat de eisen van bedrijven momenteel veel hoger liggen dan die van huishoudens. Consumenten zijn dan ook niet bereid te betalen voor een glasvezelaansluiting met zakelijke karakteristieken. De eisen van consumenten zullen wel met de introductie van bijvoorbeeld nieuwe zorgtoepassingen omhoog gaan. De consument zal dan bereid zijn om bovenop het huidige vaste FttH maandtarief van €50 tot €75 extra te betalen voor hogere beschikbaarheid, meer bandbreedte en/of extra waardevolle dienst(en) of service(s).

Opm: in de zakelijke glasvezelmarkt wordt helaas vaak geschermd met “vanaf” prijzen. Let daarbij goed op dat je appels met appels vergelijkt, het toekomstige gebruiksplaatje als uitgangspunt hanteert en alle extra’s (zoals bijvoorbeeld service level garanties) meeneemt. Zo voorkom je dat je tot in lengte der dagen vastzit aan een “knellende” glasvezelaansluiting. In onderstaande tabel staan de belangrijkste kenmerken vermeld.

5) Toekomstvast

De oude op koper gebaseerde netwerken (telefonie, kabel) kunnen de groeiende vraag naar snelheid, bandbreedte en beschikbaarheid niet meer aan en zullen de wedstrijd met glasvezel gaan verliezen. Waarom? Omdat glasvezel nog veel meer data kan verstouwen dan nu vaak gebruikelijk: tot 400 Gbps en dit neemt door nieuwe technieken nog steeds verder toe. De ondergrondse fysieke glasvezelkabel blijft hetzelfde, en de nieuwste zend- en ontvangstapparatuur kan steeds grotere hoeveelheden bits per seconde aan. Albert Einstein heeft begin vorige eeuw bewezen dat niets sneller is dan licht.

6) Overige

Er zijn nog diverse andere verschillen te benoemen op basis waarvan de ene glasvezel(aansluiting) niet hetzelfde blijkt te zijn als de andere. Hieronder een korte bloemlezing (waarin de reeds hierboven genoemde verschillen ook zijn opgenomen):

FttH huisaansluiting


FttO bedrijfsaansluiting


Techniek

buizen

direct buried (gesloten)

blown fiber (open)

modem

incl. WiFi

excl. WiFi

graafdiepte

60, 30 of 20 cm

60 cm

type verbinding

gedeeld – 1:5 of 1:10

ongedeeld – 1:1

Beheer

uptime garantie

95% – 98%

99%

reparatie

best effort

binnen enkele uren

support

5 x 9

7 x 24

backbone

enkel

redundant

Diensten

belangrijkste

TV, internet

Internet, VoIP, VPN, etc.

pakket

triple play

zelf samenstellen

keuze aanbieder(s)

beperkt

onbeperkt

bandbreedte

100 Mbps

100, 500, 1000 Mbps of meer

Prijs

per maand

€40 – €80

€100 – €300

Ergo?

  • Aanleg van glasvezel vergt een hoge investering
  • Deze investering is hetzelfde voor alle marktpartijen, niemand kan toveren
  • De afhankelijkheid neemt toe van “leuk om te hebben” naar “belangrijk voor de leefbaarheid
  • Er is sprake van een toenemende zorgplicht voor de eigenaar, ook o.b.v. wet- en regelgeving
  • De aansprakelijkheid en het risico op claims c.q. negatieve publiciteit lopen navenant op
  • Glasvezelnetwerken gaan zeer lang mee, en men dient dus zeer lang betrokken te blijven
  • Up-to-date infrastructuur vergt dagelijkse aandacht en planmatig onderhoud
  • Adequaat beheer vraagt om de juiste processen en systemen, en vakkundig personeel
  • Alleen inhuur van gerenommeerde externe partijen is onvoldoende
  • Aanleg en beheer van glasvezelnetwerken is een zaak voor professionals
  • Voor juiste aansturing is up-to-date kennis bij opdrachtgever c.q. bestuur essentieel
  • Glasvezel past moeilijk binnen het keurslijf van een (onbezoldigde) stichting of coöperatie
  • Na initiële aanleg is de mogelijkheid voor verdere groei van ”levensbelang” voor het glasvezelnetwerk

Mijn devies: bezint eer, ge begint!

Ik hoop u als lezer in deze blog iets meer inzicht te hebben verschaft in de wereld die glasvezel heet. Waar alles hetzelfde lijkt, maar uiteindelijk niet hetzelfde blijkt. Waar men als leek (te) makkelijk en te snel beslissingen neemt voor de lange termijn, maar men niet op de blaren wil zitten. Ik wens u een fruitige glasvezeltoekomst toe!